Coen van Gurp, Brand Manager Diabetes

“COVID-19 helpt de patiënt met diabetes niet”

Bij diabetes denken veel mensen aan suiker. Ook artsen. “Maar diabetes is meer dan suiker”, weet Coen van Gurp. “Van te hoge glucosewaarden merk je meestal niet veel. Wat je wel merkt zijn de complicaties ten gevolge van diabetes. Eigenlijk weten we al heel lang dat bij patiënten met diabetes het hart, de nieren en bloedvaten extra kwetsbaar zijn. Toch blijven patiënten met diabetes een hoog risico op deze complicaties houden. Ondanks alles wat we doen. Omdat het moeilijk is om dit risico voor een individuele patiënt te meten, is er in de huidige richtlijnen een grote focus op het verlagen van de suiker in het bloed.” Coen benadrukt waarom het zo belangrijk is dat we overgaan op een andere aanpak.

Hoe groot is het diabetesprobleem in Nederland eigenlijk?

“Minstens 50.000 mensen per jaar krijgen de diagnose diabetes. In 2025 zal Nederland zo’n 1,5 miljoen patiënten met diabetes type 2 tellen. En het worden er steeds meer. We worden allemaal ouder, eten te veel en bewegen te weinig. Dat is in veel gevallen de oorzaak van diabetes type 2. Voor een groot aantal mensen zal COVID-19 daarbij niet helpen. Dat drukt een zware stempel op de zorg. Patiënten met diabetes type 2 moeten minimaal vier keer per jaar naar de praktijkondersteuner en/of huisarts. Dat is nog afgezien van de complicaties die onlosmakelijk verbonden zijn met het hebben van een chronische ziekte als diabetes. Het zorggebruik neemt daardoor toe. En daarmee de kosten. Ik schets geen rooskleurig beeld, nee. Maar het is de realiteit. Zelfs met de medicatie die we nu hebben. En ondanks de continue ontwikkelingen, zoals geavanceerdere bloedglucosemeters en insulinepompen. Want tot op de dag van vandaag kunnen we diabetes niet genezen.”

"Diabetes heeft een grote impact op de levensverwachting en kwaliteit van leven van een patiënt"

Maar je kunt wel oud worden met diabetes?

“Ja, je kunt oud worden met diabetes. Maar diabetes heeft ook een grote impact op de levensverwachting en kwaliteit van leven van een patiënt. Daarnaast zijn patiënten met diabetes type 2 ongezonder en vaker ziek. Soms gaat dat gepaard met een andere chronische ziekte. De kwaliteit van leven wordt in de loop der jaren minder. Daar is helaas nog te weinig aandacht voor.”

Hoe kan je de gevolgen van diabetes voorkomen?

“Voorkomen is natuurlijk altijd beter dan genezen. Diabetes type 2 is een ziekte van een ongezonde leefstijl. Patiënten hebben bijna altijd overgewicht en ze bewegen te weinig. Daarmee begint het. Door gezonder te leven, verklein je de kans dat diabetes type 2 ontstaat. Ook als je het hebt kan je meer doen. Het begint bij het aanpassen van je leefstijl. Door minder koolhydraten te nemen, meer te bewegen en af te vallen kun je mogelijk stoppen met de insuline. Of, in sommige gevallen, zelfs stoppen met je medicatie. Maar dat vraagt veel discipline en doorzettingsvermogen. Er zijn programma’s die goede resultaten bereiken. Maar of je daarmee ook de complicaties voorkomt, dat weten we nog niet. Ik denk zelf dat die kans reëel is, maar echt bewijs hebben we nog niet.”

Wie is er verantwoordelijk voor een verandering van leefstijl?

“Dat is een goede vraag. In eerste instantie de patiënt zelf natuurlijk. De huisarts heeft vaak niet de tijd of de mogelijkheden om een patiënt te overtuigen zijn leefstijl aan te passen. En je kunt je ook afvragen of dat de taak is van de arts. Als de patiënt hulp nodig heeft bij het veranderen van zijn leefstijl dan is dat maatwerk. Een arts kan hem die zeker bieden. Maar ook de POH (praktijkondersteuner huisarts), diëtist en diabetesverpleegkundigen kunnen dat. Veel patiënten onderschatten de gevolgen van diabetes. Met een bloedsuiker die onder controle is kom je er niet. Nog betere voorlichting kan daaraan bijdragen. Artsen en diabeteszorgverleners spelen daarbij een belangrijke rol. Ik verwacht dat er met een nieuwe update van de huisartsenrichtlijn meer aandacht voor leefstijl zal laten zien.”

"Er worden volop programma’s ontwikkeld om diabetes te voorkomen door het stimuleren van een gezondere leefstijl"

Is een pilletje niet makkelijker?

“Jazeker, maar daarin schuilt ook meteen een gevaar. Niet iedere patiënt is gelijk. Sommige patiënten zijn extreem gemotiveerd en lukt het om hun leefstijl te veranderen. Anderen lukt dat niet of hebben misschien al last van de gevolgen van diabetes. Meer dan de helft van alle patiënten met diabetes type 2 overlijdt aan een hart- en vaatziekte. Heeft een patiënt al een hart- en vaatziekte, dan vraagt dat een andere benadering dan bij iemand bij wie net diabetes is vastgesteld. Het lukt steeds beter om met medicatie de bloedsuikers te verlagen. Ook kunnen we daarmee de kans op de cardiovasculaire gevolgen van diabetes type 2 behandelen. De behandeling van diabetes wordt daarmee steeds persoonlijker. Ik denk dat dat de tweede belangrijke verandering zal zijn bij de volgende update van huisartsenrichtlijn: meer oog voor hart- en vaatziekten bij patiënten met diabetes type 2.

Wie is er verantwoordelijk voor een betere diabeteszorg?

“Wij allemaal: VWS (ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport), artsen, andere zorgverleners, fysio’s, farmaceuten. We dragen allemaal verantwoordelijkheid. Wij ondersteunen artsen bijvoorbeeld om die voorlichting te verbeteren. En ook de praktijkondersteuners. Maar ook de patiënt zelf heeft een verantwoordelijkheid. VWS neemt de lead en dat is goed, zij hebben overzicht. Er worden volop programma’s ontwikkeld om diabetes te voorkomen door het stimuleren van een gezondere leefstijl. Ik hoop dat met het aanpassen van de huisartsenrichtlijnen meer maatwerk mogelijk is. Met de huidige inzichten over leefstijl en het voorkomen van complicaties zou dat een grote gezondheidswinst opleveren. Dus, to be continued.”

Type 1 en type 2, hoe zat het ook alweer?

Diabetes type 1 en 2 zijn twee verschillende ziektes. Bij 1 heb je te weinig glucose in je bloed omdat je geen insuline meer aanmaakt. De behandeling is insuline spuiten. Bij type 2 heb je geen tekort aan insuline, maar raakt je lichaam ongevoelig voor je eigen insuline. Dat kun je oplossen door insuline te spuiten. Maar het is een vicieuze cirkel, want door meer te spuiten, wordt je lichaam steeds ongevoeliger voor insuline.